Brexit ramp voor Britse schadeherstellers

Het vertrek van het Verenigd Koninkrijk uit de Europese Unie werkt kostenverhogend en vertragend voor schadereparaties in het VK. Dit zegt Chris Weeks, directeur van de Britse belangenorganisatie NBRA in een commentaar over de mogelijke effecten van de Brexit op de carrosseriebranche. “Dit kan het einde betekenen voor de meeste schadeherstellers.”

Onderdelen
Volgens Weeks zouden schadeherstelbedrijven zich meer zorgen moeten maken over maatregelen die net direct de tarieven belemmeren, waaronder zaken als douane-inspecties. “Zelfs als we een deal met de EU sluiten over het afschaffen van de invoerrechten.` Dergelijke barrieres zorgen voor administratieve lasten voor bedrijven en vertragen de levering van producten, zoals onderdelen, aldus Weeks: “Hierdoor wordt de capaciteit van een schadeherstelbedrijf beperkt omdat een auto met schade langer in de werkplaats moet wachten op de benodigde onderdelen.”
Douane inspecties kunnen aan de grens zorgen voor vertragingen bij de invoer van onderdelen, ook in geval van bilaterale overeenkomsten met individuele EU-landen. Maar dit kan pas worden opgelost als er al dan niet een deal wordt gesloten. Daarnaast zou voor onderdelen uit EU een tarief moeten worden betaald tussen 2 en 4 procent.

Blokkades
In het slechtste geval ziet Weeks een rommelige no-deal die leidt tot blokkades van onderdelen. Dit zou de onderdelenvoorziening blokkeren met als gevolg dat schadereparaties niet kunnen worden afgemaakt wat de schadeherstellers omzet kost: “Zoiets hebben we al gehad met het Covid-19 virus waarbij de overheid mensen en bedrijven financieel te hulp schoot. Zonder een gelijksoortige ondersteuning bij de Brexit zou dit het einde betekenen voor de meeste schadeherstellers die nog maar nauwelijks de globale Corona pandemie hebben overleefd.”

Geef een antwoord

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.